Als je onverhoopt komt te overlijden, is er via Protector het een en ander geregeld voor de achterblijvende partner en minderjarige kinderen.

Nabestaandenpensioen voor de partner

De achterblijvende partner (huwelijk, geregistreerd partnerschap, of notarieel vastgelegde samenlevingsovereenkomst) ontvangt bij jouw overlijden een levenslange pensioenuitkering van het pensioenfonds. Dit heet partnerpensioen. Het partnerpensioen wordt uitgekeerd zolang je partner in leven is.

Je kinderen krijgen wezenpensioen

Als je overlijdt dan krijgen je eventuele kinderen wezenpensioen. Jouw kinderen ontvangen een maandelijkse uitkering zolang zij:

  • jonger zijn dan 21 jaar
  • nog studeren totdat ze 27 jaar zijn
  • arbeidsongeschikt zijn

De hoogte van het wezenpensioen per kind bedraagt 0,263% van de pensioengrondslag rekening houdend met het tijdens je dienstverband opgebouwde wezenpensioen. De wezenuitkering stopt uiterlijk op het moment dat het kind 27 jaar wordt. Als jouw partner voor die tijd ook overlijdt, wordt het wezenpensioen verdubbeld. De wezen hebben gezamenlijk maximaal recht op 3,5 maal het enkele wezenpensioen. Als je meer dan 3 kinderen hebt, wordt het totale wezenpensioen dus verdeeld.

De hoogte van het partner- en wezenpensioen vind je op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) en op www.mijnpensioenoverzicht.nl.